| 69 | | - Draai de license executable (zal op aanvraag van de AC's op afstand door FENAC uitgevoerd worden.) |
| 70 | | - Draai de WSI components executable (zal op aanvraag van de AC's op afstand door FENAC uitgevoerd worden.) |
| 71 | | - Herstart de machine waar NOAH op draait |
| 72 | | |
| 73 | | == Noah WSI confuiguratie == |
| 74 | | - Start op de server NOAHBSIntegServerTool.exe in C:\Program Files (x86)\HIMSA\NOAH 4 op. |
| | 73 | - Draai de WSI license executable, deze wordt zal op aanvraag van de AC's op afstand door FENAC uitgevoerd worden. |
| | 74 | - Draai de WSI components executable, deze zal op aanvraag van de AC's op afstand door FENAC uitgevoerd worden. |
| | 75 | Elke Noah versie heeft zijn een bijbehorende WSI components executable. Voor Noah 4.8 is dit NoahWSISetup_4.8.exe |
| | 76 | - Herstart de machine waar NOAH op draait. |
| | 77 | |
| | 78 | |
| | 79 | == Noah WSI configuratie == |
| | 80 | - Start op de Noah server-computer NOAHBSIntegServerTool.exe in C:\Program Files (x86)\HIMSA\NOAH 4. |
| 80 | | - Volgende configuratie variabelen instellen: - BackEndWebServiceName, dat is de naam van de server waarop de OpenAC3 server draait. Name, dat is een vrij te kiezen naam voor WSI-setup. NoahSiteIdentification, hier de servernaam invullen waarop de Noah-server is geïnstalleerd. NoahWebServiceId, je kunt hier het IP-adres invullen als de Noah-webservice op een andere IP moet draaien. NoahWebServicePort, poortnummer voor Noah-webservice. |
| | 86 | - Volgende configuratie variabelen instellen: |
| | 87 | - BackEndWebServiceName: De (windows)computernaam waar OpenAC3 op draait. |
| | 88 | - Name: Vrij te kiezen naam voor WSI-setup. |
| | 89 | - NoahSiteIdentification: Vul hier de servernaam in waarop de Noah-server is geïnstalleerd. Dit zou een ander server-computer kunnen zijn dan waar de Noah-webservice op draait. |
| | 90 | - NoahWebServiceId: Hier staat de servernaam waar de Noah-webservice op draait. Dit is de computer waar eerder de WSI Licentie en WSI component op is geïnstalleerd. Eventueel mag je een IP-adres invullen. |
| | 91 | - NoahWebServicePort: poortnummer voor Noah-webservice. |
| 85 | | - Aanpassen het poortnummer in C:\ProgramData\OpenACWeb\hosting.json op 8001. De default instelling bij Noah is 8001 en volgens de Noah forum is dat wel aan te passen in config-bestand NoahWebIntegration.dll.config maar het lijkt ons makkelijker het poortnummer in hosting.json aan te passen. |
| 86 | | - Aanpassen\toevoegen NoahServerPoort. De waarde van dit veld moet gelijk zijn aan NoahWebServicePort van Noah WSI-confuiguratie. Zie hieronder een fragment van die instelling: |
| | 108 | OpenAC 3 moet toegankelijk zijn voor Noah zodat nieuwe patiënt en meetgegevens, die in Noah ingevoerd, verwerkt kunnen in OpenAC. |
| | 109 | - Wijzig hiervoor het poortnummer in C:\ProgramData\OpenACWeb\hosting.json op 8001. De default instelling bij Noah is 8001 en volgens de Noah forum is dat wel aan te passen in config-bestand NoahWebIntegration.dll.config maar het lijkt ons makkelijker het poortnummer in hosting.json aan te passen. |
| | 110 | |
| | 111 | OpenAC 3 moet ook nieuwe of gewijzigde patiënt gegevens door kunnen sturen naar de Noah webservice zodat deze verwerkt worden door Noah-server en opgeslagen worden in de Noah-database. Wijzig hiervoor de appsettings.json van C:\ProgramData\OpenACWeb\ zoals hieronder aangegeven. |
| | 112 | - Voeg het veld NoahServerPoort toe. Vul hier het poortnummer in waar de Noah web service op te bereiken is. Dit heb je eerder ingesteld met de Noah WSI-configuratie-tool. Zie hieronder een fragment van die instelling: |
| 129 | | == OpenAC2 configuratie == |
| 130 | | OpenAC2 moet geconfigureerd worden zodat de opgeslagen patiëntgegevens via de Noah-server in de Noah-database opgeslagen worden. |
| 131 | | - Activeren Noah-module in modules.ini van de adaptatie: |
| 132 | | {{{ |
| 133 | | kern.s080_noah = True |
| 134 | | }}} |
| 135 | | - Instellen van de hostname en het poortnummer van Noah WSI. |
| 136 | | |
| 137 | | [[Image(instellingen_voor_noah.png)]] |
| | 155 | == Firewall instellen == |
| | 156 | Er dienen aantal firewallregels ingesteld te worden in Windows zodat de computers toegang hebben tot de eerder genoemde poorten. |
| | 157 | |
| | 158 | Op de server-computer waar Noah op geïnstalleerd: |
| | 159 | - Zet poort 8000 voor binnenkomende verkeer toegankelijk. Geef hier de naam van de spelregel(rule) Noah binnenkomend. |
| | 160 | - Zet poort 8001 voor uitgaande verkeer toegankelijk. Geef hier de naam van de spelregel Noah uitgaand. |
| | 161 | |
| | 162 | Op de server-computer waar OpenAC 3 op is geïnstalleerd: |
| | 163 | - Zet poort 8001 voor binnenkomende verkeer toegankelijk, geef hier de naam van de spelregel(rule) Noah binnenkomend. |
| | 164 | - Zet poort 8000 voor uitgaande verkeer toegankelijk, geef hier de naam van de spelregel Noah uitgaand. |
| | 165 | |
| | 166 | Vervolgens kun je een deeltest doen. |
| | 167 | Start OpenAC 3 op. |
| | 168 | - Tik in chrome-browser van de server-computer van OpenAC3 de url met het poort nummer welke voor OpenAC3 is ingesteld Voorbeeld: http://openac3-server:8000. Kijk of de OpenAC 3 status pagina te zien is. |
| | 169 | - Doe het zelfde op de Noah server-computer. Hiermee verzeker je dat OpenAC 3 bereikbaar is vanaf de Noah server-computer. |