Changes between Version 20 and Version 21 of Documentatie/Ontwikkelaar/OpenAC3/Scriptfuncties
- Timestamp:
- 07/14/20 13:55:23 (6 years ago)
Legend:
- Unmodified
- Added
- Removed
- Modified
-
Documentatie/Ontwikkelaar/OpenAC3/Scriptfuncties
v20 v21 36 36 37 37 == Uitvoeren van scriptfuncties == 38 Het uitvoeren van scriptfuncties wordt aangevraagd door een controller. Een controller hoeft hiervoor alleen de context op te gevenwaarbinnen scriptfuncties moeten worden uitgevoerd. De controller zegt in gewoon nederlands:38 Het uitvoeren van scriptfuncties wordt aangevraagd door een controller. Een controller geeft hiertoe de context op waarbinnen scriptfuncties moeten worden uitgevoerd. De controller zegt in gewoon nederlands: 39 39 1. Voer alle scriptfuncties uit voor entiteit Bezoek. De actie is UPDATE en de actie is al uitgevoerd (AFTER) 40 40 2. Voer alle scriptfuncties uit voor entiteit Bezoek. De actie is DELETE en de actie is nog niet uitgevoerd (BEFORE) … … 46 46 #!csharp 47 47 48 var scriptRunner = new TabelScriptRunner ();48 var scriptRunner = new TabelScriptRunner(); 49 49 }}} 50 50 … … 60 60 61 61 In echte code wordt de !PathElement instantie al eerder aangemaakt, met als argument een aan de controller meegegeven pad. !TabelScripts gebruikt !PathElement.ACLPath om alle scriptfuncties uit te voeren die zijn geregistreerd voor "patient/behandelingen" en AFTER UPDATE. Scriptfuncties gebruiken !PathElement.Key om zorgtraject ACH-H54321 op te halen als deze niet is meegegeven of door een eerder uitgevoerde scriptfunctie is opgehaald. 62 63 62 64 63 == Een nieuwe scriptfunctie maken == … … 77 76 }}} 78 77 79 Scriptfuncties die horen bij de kern van OpenAC staan in OpenACLogica\Modules\Tabellen\Scripts. Scriptfuncties specifiek voor module <x> staan in OpenACLogica\Modules\<x>\Scripts. Geef scriptfuncties een naam die past bij de entiteit waar ze betrekking op hebben met prefix Script, zoals !ZorgtrajectScript.78 Scriptfuncties die horen bij de kern van OpenAC staan in OpenACLogica\Modules\Tabellen\Scripts. Scriptfuncties specifiek voor module <x> horen thuis in OpenACLogica\Modules\<x>\Scripts. Geef scriptfuncties een naam die past bij de entiteit waar ze betrekking op hebben met suffix Script, zoals !ZorgtrajectScript. 80 79 81 80 === Te implementeren functies === 82 ==== RegisterFor ====83 Deze functie geeft één of meerdere contexten terug waarvoor het script moet worden geregistreerd :81 ==== !RegisterFor ==== 82 Deze functie geeft één of meerdere contexten terug waarvoor het script moet worden geregistreerd. Bijvoorbeeld: 84 83 85 84 {{{ … … 94 93 }}} 95 94 95 Je hoeft de scriptfunctie niet zelf te registeren, dat gebeurt "automatisch". Zie [#Registratie Registratie] voor een technische beschrijving van dit proces. 96 96 97 ==== !ExecuteAsync ==== 98 {{{ ExecuteAsync }}} wordt aangeroepen als een controller voor een bepaalde context {{{ scriptRunner.ExecuteAsync }}} aanroept. Dit gebeurt voor alle scriptfuncties waarvoor de opgegeven context is geregistreerd. 97 99 98 ==== ExecuteAsync ==== 99 100 101 == [=#Registratie Registratie] == 102 Alle klassen die interface {{{ ITabelScript }}} implementeren worden automatisch geregistreerd als de static constructor van {{{ TabelScripts }}} wordt uitgevoerd. Een static constructor wordt gegarandeerd maar één keer uitgevoerd, de eerste keer dat een reguliere constructor van die klasse wordt uitgevoerd. 103 104 Om scriptfuncties uit te kunnen voeren moet je eerst klasse {{{ TabelScripts }}} instantiëren: 105 {{{ 106 #!csharp 107 108 var tabelscripts = new TabelScripts(); 109 }}} 110 111 112 === Interface ITabelScript === 113 Interface {{{ ITabelScript }}} bevat twee functiedefinities: 114 115 {{{ 116 #!csharp 117 118 public interface ITabelScript 119 { 120 IEnumerable<TabelScriptRegistration> RegisterFor { get; } 121 Task<TabelScriptResult> ExecuteAsync(IServiceProvider serviceProvider, PathElement path, string command, TabelScriptWhen when, TabelScriptResult scriptResult); 122 } 123 124 125 }}} 126 127 Het is mogelijk om een tabelscript klasse te registreren voor meerdere events (combinatie van pad, actie en moment). Onderstaand een voorbeeld: 128 129 {{{ 130 #!csharp 131 132 public IEnumerable<TabelScriptContext > RegisterFor => new List<TabelScriptRegistration> { 133 new TabelScriptContext { Command = HubCommand.DELETE, When = TabelScriptWhen.BEFORE, Path = "patient/behandelingen/fin_trajecten" }, 134 new TabelScriptContext { Command = HubCommand.DELETE, When = TabelScriptWhen.AFTER, Path = "patient/behandelingen/fin_trajecten" }, 135 new TabelScriptContext { Command = HubCommand.UPDATE, When = TabelScriptWhen.AFTER, Path = "patient/behandelingen/fin_trajecten" } 136 }; 137 138 }}} 139 140 Voor elk van bovenstaande events zal method {{{ ExecuteAsync }}} van de klasse worden uitgevoerd. 141 142 == !ExecuteAsync == 143 Bij elk scriptfunctie event wordt de {{{ ExecuteAsync }}} method van alle geregistreerde klassen aangeroepen. Deze functie krijgt een {{{ TabelScriptResult }}} mee als argument en geeft ook een {{{ TabelelScriptResult }}} terug. Op die manier kunnen meerdere scriptfuncties iets toevoegen aan het uiteindelijke resultaat. 100 De functie krijgt een {{{ TabelScriptResult }}} mee als argument en geeft ook een {{{ TabelelScriptResult }}} terug. Op die manier kunnen meerdere scriptfuncties iets toevoegen aan het uiteindelijke resultaat. 144 101 145 102 === Data en !ParentData === … … 164 121 165 122 123 == [=#Registratie Registratie] == 124 Alle scriptfuncties worden automatisch geregistreerd door {{{ TabelScriptRunner }}}. Dit gebeurt door de static constructor. Dit is een constructor die gegarandeerd maar één keer uitgevoerd, de eerste keer dat een reguliere constructor van die klasse wordt uitgevoerd. {{{ TabelScriptRunner }}} zoekt met behulp van reflectie alle klassen op die interface {{{ ITabelScript }}} implementeren en registreert deze voor de contexten die {{{ RegisterFor }}} teruggeeft. 125 126