[[TOC(heading=Zorgdomein koppeling)]] [[TOC(heading=Moduleconfiguratie, sectionindex, compact, depth=3, allactive, Documentatie/Beheerder/Modules/)]] [[TOC(heading=Beheerder, sectionindex, compact, depth=2, allactive, indirect=Documentatie/Beheerder/TOC)]] [[TOC(heading=Documentatie, sectionindex, compact, depth=1, allactive, Documentatie/)]] = Zorgdomein-koppeling = == Inleiding == Met de Zorgdomein-koppeling is het vanaf versie 2.016 mogelijk om elektronische verwijzingen te verwerken in OpenAC. In onderstaande afbeelding zijn de onderdelen van deze koppeling schematisch weergegeven: [[Image(zorgdomein_diagram.png, align=left, class=inline)]] De koppeling bestaat uit de volgende onderdelen: 1. **Zorgdomein server** - de server van Zorgdomein levert door eerstelijns verwijzers uitgeschreven verwijzingen aan bij de FENAC HL7-server (2). 2. **FENAC HL7-server** - de FENAC HL7-server ontvangt alle door Zorgdomein aangeleverde verwijzingen en zet ze klaar in een wachtrij per AGB. 3. **OpenAC 3** - deze server staat bij het AC en haalt periodiek voor het AC bestemde verwijzingen op bij de FENAC HL7-server. 4. **OpenAC 2 clients** - medewerkers van het AC verwerken de binnengekomen verwijzingen in OpenAC. Er is een gemeenschappelijke server ingericht met de nodige server applicatie die door FENAC wordt gehost en beheerd. Deze server zal met de !ZorgDomein-server worden verbonden om berichten te kunnen uitwisselen. De lokale OpenAC instanties halen de verwijzingen vanuit de FENAC-server. Verbinding tussen de FENAC-server en de !ZorgDomein zal door een VPN verbinding tot stand komen. De !ZorgDomein-server maakt de verwijzingen in HL7-formaat. FENAC-server moet die verwijzingen omzetten in een door de OpenAC herkend bericht-formaat. De verbinding tussen de FENAC-server en de lokale servercomponenten OpenAC zal via de door Fenac uitgegeven SSL-certificaten gerealiseerd worden. Hieronder een schema van de koppeling: == FENAC-server == De FENAC-server is een soort tussen station waar de elektronische verwijzingen vanuit de !ZorgDomein-server tijdelijk worden opgeslagen, zodat de lokale OpenAC instanties via een AGB-identificatie die gebaseerd is op een certificaat de verwijzingen die voor hun bestemd zijn kunnen ophalen. De FENAC-server luistert naar een van te voren bepaald poort. Het is de bedoeling dat de !ZorgDomein-server applicatie de verwijzingsberichten via dat poort aan FENAC-server overdracht. Als er een verwijzingsbericht is aangeboden door de !ZorgDomein-server, slaat FENAC-server dat bericht in de postbusmap van de gerelateerde AC. De FENAC-server zal een API beschikbaar stellen voor de lokale OpenAC instanties om de AC gerelateerde verwijzingen op te halen. Het ontwikkelen, configureren en de onderhoud van FENAC-server valt onder de werkzaamheden van Fenac-ICT en de beheerders van AC's hoeven daarvoor niets te doen. == Lokale servercomponent OpenAC == Op basis van de geconfigureerde AGB-locatie vraagt de lokale servercomponent via de beschikbare API de FENAC-server of er verwijzingen zijn gerelateerd met de geconfigureerde AGB-locatie. Als er verwijzingen zijn dan worden ze naar de lokale servercomponent teruggekoppeld. Het verwerkingsproces zal verder zoals hieronder verlopen: - Er wordt eerst gecontroleerd of de verwijzing niet al eerder is geregistreerd. - Daarna wordt de patiënt opgezocht via de meegegeven BSN. - Als de patiënt niet is gevonden dan wordt de patiënt opgezocht op NAW-gegevens. - Als de patiënt niet is gevonden dan een nieuwe patiënt record aangemaakt. - Als de verwijzer niet op basis van zijn AGB-code kan worden gevonden, wordt die aangemaakt. - Als dat een bestaande patiënt betreft dan wordt gekeken of een open zorgtraject is anders wordt een nieuw zorgtraject aangemaakt. - De nieuwe verwijzing met het bijgevoegd document wordt toegevoegd aan het zorgtraject. - Er wordt een actie gemaakt met thema ‘!ZorgDomein verwijzing’. Die actie wordt gekoppeld aan een default gebruiker zodat de nieuwe verwijzingen in planlijst overzicht ‘Acties van medewerkers’ terecht komt en daarmee zichtbaar wordt. == Inrichting lokale servercomponent OpenAC == Om de Zorgdomein koppeling in te richten moet eerst de lokale OpenAC-server geïnstalleerd worden. Zie [wiki:Documentatie/Beheerder/Modules/Agendаserver Installatie Server] voor de installatiehandleiding. De lokale servercomponent van OpenAC die als een Windows service is geïnstalleerd op het systeem van de AC haalt via de beschikbare API van de FENAC-server de verwijzingen binnen. De volgende instellingen van de locaties van het AC moeten via het `appsettings.json` bestand worden geconfigureerd: - AGB-code (8 cijfers), - AGB-locatienaam, - Locatieletter (de combinatie van letter en AGB-code moet geldig zijn ook in de OpenAC 2 Desktop installatie), - Bestandsmap (aanbevolen wordt om dit per AGB/locatie gescheiden te houden; dat is in het voorbeeld hieronder niet zo). Hieronder een voorbeeld van de AGB/locaties instellingen in `appsettings.json`: {{{ "Agb": { "AgbLocaties": [ { "Code": "12345678", "LocatieNaam": "Groningen", "LocatieLetter": "G", "Bestandsmap": "C:\\Users\\ugur\\Documents" }, { "Code": "87654321", "LocatieNaam": "Maastricht", "LocatieLetter": "M", "Bestandsmap": "C:\\Users\\ugur\\Documents" } ] } }}} Ook eigenschappen van de !ZorgDomein koppeling moeten via het `appsettings.json` bestand worden geconfigureerd: - Zorgdomein actief (veld '!InGebruik'), - Interval van de controles of er nieuwe verwijzingen zijn, - Default medewerker waarmee de acties gekoppeld worden, - SSL instellingen (certificaat) Hieronder een voorbeeld van de !ZorgDomein instellingen in `appsettings.json`: {{{ "Zorgdomein": { "InGebruik": true, "Interval": 30, "Medewerker": "admin" } }}} De SSL instellingen zijn binnen de !ZorgDomein instellingen te regelen en gelden alleen voor de verbinding met de FENAC Server ten behoeve van de !ZorgDomein koppeling. De FENAC verstrekt client-certificaten, getekend door de FENAC-!ZorgDomein-Koppeling; deze certificaten zijn alleen te gebruiken voor de communicatie met de FENAC server voor deze koppeling. De procedure voor het verstrekken van de certificaten wordt elders beschreven. De instellingen voor SSL zijn: - Of SSL gebruikt wordt (voor test-doeleinden kan SSL worden uitgeschakeld; bij de AC's zal dat nooit het geval zijn), - Bestandsnaam van het certificaat, - Wachtwoord voor het certificaat. Omdat het wachtwoord voor het certificaat in "plain text" in het configuratiebestand staat, wordt sterk aangeraden om het goed afgeschermd op de server op te slaan (wat sowieso een goed idee is voor de configuratie van de OpenAC 3 Server). Zowel het certificaat als het wachtwoord hoeven maar op een plek -- bij de OpenAC 3 Server -- opgeslagen te worden; ze zijn niet bedoeld voor gebruik door de werkplek-machines. {{{ "Zorgdomein": { "SSL": { "Enabled": true, "CertificateFile": "C:\\Users\\Ugur\\certificaten\\ac_utrecht.pfx", "CertificatePassword": "geheim!" } } }}}