Changes between Version 4 and Version 5 of Documentatie/Beheerder/Installeren/Configuratiebestand


Ignore:
Timestamp:
03/08/18 09:52:28 (8 years ago)
Author:
henk
Comment:

--

Legend:

Unmodified
Added
Removed
Modified
  • Documentatie/Beheerder/Installeren/Configuratiebestand

    v4 v5  
    10101. Map opgegeven als parameter van OpenAC 
    11112. .openac in de installatiemap 
    12 3. Map OpenAC in de persoonlijke !AppData map van de gebruiker 
     123. Map OpenAC in de persoonlijke !AppData-map van de gebruiker 
    1313 
    1414== Map als parameter van OpenAC == 
    15 Het is mogelijk om de configuratiemap mee te geven als parameter van OpenAC. In deze map verwacht OpenAC het configuratiebestand config.tsv en de logbestanden zullen hier ook worden weggeschreven. De syntax van de parameter is: 
     15De configuratiemap kan worden meegegeven als parameter van OpenAC. In deze map verwacht OpenAC het configuratiebestand config.tsv en de logbestanden zullen hier ook worden weggeschreven. De syntax van de parameter is: 
    1616{{{ 
    1717config_dir="D:\openac config" 
     
    3030mkdir .openac 
    3131}}} 
    32 De .openac map is uitgesloten van versiebeheer dus de inhoud zal niet worden gedeeld met de FENAC. 
     32De .openac-map is uitgesloten van versiebeheer dus de inhoud zal niet worden gedeeld met de FENAC. 
    3333 
    3434== !AppData van de gebruiker == 
    35 Als de beide vorige opties niet zijn gebruikt dan verwacht OpenAC het configuratiebestand in de map OpenAC in de persoonlijke !AppData map van de gebruiker. Bijvoorbeeld: 
     35Als beide vorige opties niet zijn gebruikt dan verwacht OpenAC het configuratiebestand in de map OpenAC in de persoonlijke !AppData map van de gebruiker. Bijvoorbeeld: 
    3636{{{ 
    3737C:\Users\henk\AppData\Roaming\OpenAC 
     
    3939OpenAC maakt bij het starten de map OpenAC aan als deze nog niet bestaat. 
    4040 
    41  
     41== config.tsv als installatiesjabloon == 
     42config.tsv kan als installatiesjabloon in de adaptatiemap van het AC worden gezet. Bij nieuwe installaties kan dan het eigen AC gekozen worden uit een lijst en wordt het installatiesjabloon gebruikt als basis van de config.tsv op één van bovengenoemde locaties. Voordeel hiervan is dat bij nieuwe installaties een aantal opties niet steeds opnieuw hoeft te worden ingesteld. Denk bijvoorbeeld aan de database-instellingen. Let op: de config.tsv in de adaptatiemap wordt ingecheckt met versiebeheer, dus zorg dat er geen wachtwoorden in staan!