= Sjablonen = Het maken van etiketten, brieven in OpenAC en de koppeling met audiometrie-apparatuur gebeurt via zgn ''bestandskoppelingen''. Elk bestand in OpenAC wordt ergens gekoppeld, dwz. is zichtbaar op een punt in het dossier van een patiënt, relatie of medewerker. Er zijn twee kanalen waarlangs een bestand in OpenAC terechtkomt: * Handmatig toevoegen: op diverse plekken in dossiers, relatiescherm of medewerkerscherm zitten menu's waarmee je een sjabloon kunt uitkiezen. Er wordt dan automatisch een brief gegenereerd. Veelal krijgt u voor het genereren van de brief nog een aantal vragen, zoals de printerkeuze, eventuele vragen over ondertekening etc. * Automatisch toevoegen: vanaf OpenAC v1.210 bestaat er in OpenAC de 'spoolfunctie'. Er zijn bestandslocaties waar bestanden kunnen worden neergezet die zijn ingescand of afgedrukt op PDF. Aan de hand van de bestandsnaam routeert OpenAC de bestanden automatisch naar de juiste locatie. Bestanden die handmatig worden aangemaakt, worden gemaakt op basis van een '''sjabloon''', bijvoorbeeld een Word-sjabloon (DOT, DOTX) of een Excel-sjabloon (XLT, XLTX). Bijzondere sjabloonkeuzes zijn '''Bijlage''' (een willekeurig document in OpenAC hangen) en de keuzes voor audiometrie-apparatuur (Eldege, DECOS, AC440). == Sjablonen toevoegen == Om een sjabloon aan OpenAC toe te voegen moeten er drie dingen gebeuren: * Het sjabloonbestand kopiëren naar adaptaties/ac_bodegraven/sjablonen/ (vervang ''ac_bodegraven'' door uw eigen AC) * Het sjabloon aanmelden in de codetabel '''sjabloon''', ofwel vanuit OpenAC, ofwel direct in het bestand '''adaptaties/ac_bodegraven/codetabellen/sjabloon.tsv''' * Na testen, de gemaakte wijzigingen inleveren via ''versiebeheer'' Moet u nog helemaal beginnen met sjablonen, dan verdient het aanbeveling eerst eens te kijken hoe andere AC's de sjablonen hebben ingericht. Het bureau kan hierbij natuurlijk ook adviseren. == Werking van Word-sjablonen == De OpenAC-sjablonen werken met '''bookmarks''' (bladwijzers) en '''merge-fields''' (samenvoegvelden). Welk van de twee gebruikt wordt hangt af van het soort sjabloon. De merge-fields worden alleen toegepast in zogenaamde "meervoudige" sjablonen, zoals facturen of brieven die aan diverse betrokkenen moeten worden geadresseerd. Veruit de meeste sjablonen worden dan ook gemaakt met bookmarks. == Wat zijn 'enkelvoudige' , 'meerbladige' en 'meerregelige' sjablonen? == Het meest voorkomende sjabloontype is 'enkelvoudig'. Hier is geen sprake van informatie die moet worden herhaald. Het onderscheid meerbladig/meerregelig speelt alleen een rol bij de koppeling naar Microsoft Word, en alleen bij sjablonen waarbij informatie moet worden herhaald. Deze functionaliteit is ontworpen om verzamelnota's te kunnen maken, maar zou ook bij brieven kunnen worden gebruikt. * Stel, je maakt een brief met daarop bookmarks voor de patientgegevens (''adresregel1'' t/m ''adresregel4'') en dan '''binnen een tabel''' nog een keer dezelfde variabelen (''adresregel1'' t/m ''adresregel4''). * Bij 'meerbladig' krijg je voor elke betrokkene een aparte pagina met daarop het adres van de patient, en het adres de betrokkene. * Bij 'meerregelig' krijg je dan 1 pagina met daarop het adres van de patient, en dan onder elkaar in de tabel de adressen van alle betrokkenen (huisarts, verwijzer, verzekeraar). Dit werkt ''alleen'' als de merge-velden in een tabel zijn opgenomen, zodat de word-koppeling weet welk gedeelte moet worden herhaald. == Hoe maak ik een bookmark? == === Handig omgaan met bookmarks === === Bookmarks opmaken === === Ik wil dezelfde sjabloon-variabele twee keer opnemen in een sjabloon === Word staat niet toe dat dezelfde bookmark twee keer in een document voorkomt. Wanneer een variabele twee keer of vaker op een vel moet worden afgedrukt (bijvoorbeeld 2x het adres van de patient op een etikettenvel), dan is het toegestaan om één of meer keer "_" (underscore) achter de naam van de bookmark te zetten. == Hoe maak ik een merge-veld? == == Welke variabelen zijn beschikbaar? == [[Image(variabelen1.png, class=inline-right)]][[Image(variabelen2.png, class=inline-right)]]De beschikbare variabelen hangen af van de modules in OpenAC. In elk blok waar correspondentie gevoerd kan worden (bijvoorbeeld het blok patiëntgegevens, of het blok voor een afspraak, maar ook in de schermen voor medewerkers en relaties) heeft de drop-down om een sjabloon te selecteren, onderaan een speciale keuze ''''. Door dit te kiezen wordt er geen correspondentie gemaakt, maar komt OpenAC met een pop-up met de waarden van alle samenvoegvelden voor dat blok. De lijst met beschikbare samenvoegvelden is alfabetisch gesorteerd op naam van het veld. De veldnamen worden met een hoofdletter weergegeven, maar moeten in sjablonen met kleine letters worden gebruikt. Elk blok kan zijn eigen samenvoegveld hebben. In principe cumuleren ze: een afspraak heeft ook de samenvoegvelden van het bijbehorende zorgtraject; een zorgtraject heeft ook de samenvoegvelden van de patient. [[Image(variabelen3.png, class=inline)]] Hier volgt een overzicht van bijzondere variabelen. [[NoteBox(warn, Dit overzicht van variabelen geldt vanaf OpenAC v2.010)]] === Patiënt Blok === Contactgegevens van de patiënt: - ''patient_telefoon'' Het contact-telefoonnummer voor de patiënt. Dit is het mobiele nummer, of (als die niet is ingevoerd) het thuis nummer, of (als die beide niet zijn ingevoerd) het eerste andere telefoonnummer van de patient. - ''patient_telefoon_mobiel'' Dit is het (eerste) mobiele telefoonnummer van de patiënt. Dit is leeg als de patiënt geen mobiel nummer heeft. - ''patient_telefoon_thuis'' Dit is het (eerste) telefoonnummer met bereik ''thuis''. Dit is leeg als de patiënt geen thuis nummer heeft. - ''patient_extra_telefoon'' Dit zijn alle telefoonnummers die de patiënt heeft die niet gelijk zijn aan ''patient_telefoon''. Dit kan leeg zijn, maar kan ook mobiele nummers en vaste nummers bevatten door elkaar heen. - ''patient_extra_nummers'' Dit zijn alle contact-nummers en -adressen die de patiënt heeft opgegeven die niet gelijk zijn aan ''patient_telefoon''. Dit kan leeg zijn, maar kan ook telefoonnummers en email-adressen en faxnummers door elkaar bevatten. - ''patient_alle_nummers'' Dit zijn alle contact-nummers en -adressen van de patiënt, inclusief ''patient_telefoon''. - ''patient_email'' Dit is het email-adres van de patiënt. Als er meerdere email-adressen zijn opgegeven, hebben de bereiken ''algemeen'', ''thuis'' en ''werk'' de voorkeur. Er wordt maar een email-adres opgenomen. Contactgegevens van het AC: - ''locatie'' Dit is de naam van de gekozen (invoer)locatie in het startscherm. Het is niet afhankelijk van de patiënt. - ''locatie_*'' De velden uit de codetabel ''locatie'' worden overgenomen als samenvoegvelden. Alle niet-lege velden zijn beschikbaar, op basis van de geselecteerde (invoer)locatie in het startscherm. === Afspraak Blok === Voor richtafspraken, afspraken, en bezoeken, zijn ook de volgende contactgegevens van het AC beschikbaar: - ''agendalocatie'' De code (niet de naam) van de geselecteerde agendalocatie van het bezoek (of de afspraak of richtafspraak). Deze waarde staat dus los van de (invoer)locatie die is geselecteerd in het startscherm. - ''agendalocatie_*'' De velden uit de codetabel ''locatie'' worden overgenomen als samenvoegvelden. Alle niet-lege velden zijn beschikbaar, op basis van de agendalocatie die is geselecteerd in het bezoek. == Gebruik van promptvelden == Geef in OpenAC bij het sjabloon de promptvelden op in uitsluitend kleine letters en uitsluitend gescheiden door een komma. Vervolgens zijn deze in het feitelijk sjabloon op dezelfde wijze toe te voegen en gebruiken als de andere bookmarks. == Rol van Sjablonen in de Database == Bestanden worden opgeslagen -- meestal op disk, maar niet altijd. Er komt ook een record in de database dat het bestand bestaat, en het bestand wordt gekoppeld aan een of meer tabellen zodat het bestand zichtbaar is als blauwe link in een dossier. [[Image(ticket:8005:diagram.png)]] Aan een of andere tabel (geel) -- bijvoorbeeld aan de patient, maar zou ook aan een behandeldag kunnen -- hangt een bestand (oranje). In de database gaat dat via een koppel-tabel. In elk record zit een ''verwijzing'' naar het record waar iets aan hangt; het bestand hangt aan die koppeltabel via de bestandsnaam (gele pijl). Enigzins bijzonder is dat de bestandsnaam ook naar een plek op disk (grijze pijl) kan verwijzen, waar je het bestand fysiek aantreft. Een bestand hangt '''ook''' aan een sjabloon (groen). Dat doet het bestand met een verwijzing naar de sjabloon-key (groene pijl). Het sjabloon (in het bestands-record) wordt onder andere gebruikt om te bepalen hoe je een bestand moet openen. Er is een beetje code die op extensie werkt, maar veel hangt af van de ''handler'' van een gegeven sjabloon. Zo zijn er voor Easidata bestanden, handlers voor alle soorten Easidata metingen ''bestanden''. Die zijn nodig, omdat die bestanden niet fysiek op de disk staan, maar ergens in Easidata opgeslagen. De Easidata handler weet hoe je voor een bepaald bestand de gegevens uit Easidata tevoorschijn haalt. Voor bestanden met een fysiek bestaan -- zoals alle gewone brieven en spreadsheets -- is de handler niet zo erg van belang omdat het besturingssysteem ook wel weet hoe je zo'n bestand kunt openen. Voor andere soorten "bestanden" kan de handler essentieel zijn. Het is mogelijk om sjablonen te verwijderen. OpenAC vraagt dan of het sjabloon vervangen of verwijderd moet worden in die records waar het gebruikt word (alle bestanden die met dat sjabloon gemaakt zijn). Doorgaans is ''verwijderen'' de juiste keus, zeker als het om gewone documenten gaat -- die blijven leesbaar omdat het bestand fysiek nog bestaat.